Haagse herrie

Een beetje bekomen van de ergste schrik ...? En heeft u als eerste reactie met open ramen Robert Longs ‘Mien’ grijsgedraaid, of toch maar preventief alvast de regenboogvlag aan de voorgevel gestreken? Ook te mijnent landde die monsterzege van de PVV als een koude douche. Maar om van een ‘politieke aardverschuiving’ te spreken, gaat me wat ver. We zijn blijkbaar alweer vergeten wat eerder dit jaar bij de Provinciale Statenverkiezingen gebeurde. Ook toen werd de zittende garde massaal weggebonjourd, alleen was bij die gelegenheid BBB de grote winnaar. Die verdween, afgezien van de randgewesten, alweer bijna in de vergetelheid. Als het zo uitkomt, heten we allemaal Mark.

Akkoord: de Eerste Kamer heeft niet zoveel in de melk te brokkelen als de Tweede, maar vlak die club niet volledig uit. Een senaat die dwarsligt, kan het een meerderheidskabinet van een andere politieke kleur knap lastig maken - kijk maar naar de VS. Nu eerst maar zien of zo’n meerderheidskabinet er komt, want grote verliezer Yeşilgöz bedankt vooralsnog voor een bijrol in het zijspan als troostprijs. Maar ook dat kan morgen natuurlijk weer anders zijn.

Hoe dan ook mogen we niet klagen, want de kiezer heeft altijd gelijk. En als Nederlanders staan we weer op één, heb ik me laten vertellen: een goedkope pastiche van ‘America First’. De afgelopen jaren waren we blijkbaar ergens onderaan de tipparade blijven bungelen, als een onvermoede degradatiekandidaat à la Ajax. Daar zit ook wel een bodempje waarheid in, want vooral sinds het begin van de coronapandemie kreeg de burger een onafgebroken lawine ondoorgrondelijke oekazes, treitertrends en kwartaalkwellingen uit Den Haag en Brussel voor z’n kiezen. Afgetopt met - om de Grote Leider Zelf te citeren - een stortvloed aan klimaat- en genderwaanzin plus een tsunami aan vluchtelingen. Terwijl de boodschappen steeds duurder werden en de woningen steeds schaarser en onbetaalbaarder. Ga er maar aan staan, als je Henk of Ingrid heet. Dus die kiezer, die koos meer dan ooit voor z’n eigen hachje. De hamvraag is of Geert dat hachje gaat redden.


Vluchtelingencrisis

Laten we aftrappen met hét verkiezingsthema van 2023: de zogenaamde vluchtelingen- of asielcrisis. Met name de VVD had hier al onder Rutte naarstig op voorgesorteerd, en zijn opvolgster deed er dapper nog een schepje bovenop. Wat waarschijnlijk de voornaamste reden was dat ze op de dag des oordeels werd afgeserveerd. Want zelfs het grillige en makkelijk manipuleerbare stemvee van nu weet feilloos the real stuff van namaaksel te onderscheiden. Voor een bouwvakker uit Beverwijk blijft zo’n PVVD uit Bloemendaal steevast tweede keus.

Eerst een blik op de harde cijfers, zodat we weten waarover we het hebben. Vorig jaar zijn er in dit landje, dat op een paar dwergstaatjes na de hoogste bevolkingsdichtheid binnen Europa kent, 400.000 immigranten bij gekomen. Maar er gingen ook 175.000 emigranten weg, zodat het migratiesaldo - het stokpaardje van Wilders’ conculega Omtzigt - 225.000 bedraagt. Daar staan 80- à 90.000 extra woningen tegenover, en hoewel er ook onder migranten legio meerpersoonshuishoudens zijn, zie je direct dat de woningnood eerder toe- dan afneemt. Een beetje controle aan de grens kan schijnbaar geen kwaad.

Nu moeten we ons wel realiseren dat van die 400.000 immigranten slechts zo’n 45.000 onder de noemer ‘asielzoeker’ en/of ‘nareiziger’ vielen: iets meer dan tien procent. De rest bestaat hoofdzakelijk uit expats, buitenlandse studenten, mede-Europeanen die onze asperges komen plukken en onze badkamer verbouwen, en Oekraïners die hier willen schuilen terwijl Poetin hun vaderland denazificeert. Maar voor dat laatste had Wilders als ik me niet vergis óók al een oplossing.


Definitie

Ik draai er niet omheen: sommigen van die vluchtelingen hebben hier helemaal niets te zoeken. Dat geldt met name voor Oekraïense mannen die hun dienstplicht hebben afgekocht (wat erop wijst dat de Oekraïners nog een lange weg hebben te gaan bij de bestrijding van corruptie), en voor de beruchte ‘veiligelanders’ die de omgeving van Budel en Ter Apel terroriseren. Voor de plaatselijke bevolking, de middenstand voorop maar ook menige medebewoner inbegrepen, zou het een zegen zijn als je die laatsten kon lozen. Getalsmatig gaat het echter om hooguit één op de acht asielzoekers, in totaal pakweg zo’n vijfduizend man. Daar help je de woningnood niet de wereld mee uit. En bovendien: iemand die nooit verder komt dan het AZC, en misschien zelfs onder een zeiltje in de buitenlucht bivakkeert, neemt niet jouw droomhuis in beslag.

Het overschot zal vast ook niet allemaal onder een nauwe definitie van asielzoeker vallen: iemand die is gevlucht om aan een specifieke vorm van vervolging - wegens etniciteit, religie, politieke opvattingen, geaardheid - te ontkomen. Dan kom je al snel bij de term ‘gelukszoeker’ uit. Allemaal tot je dienst, maar als je uit een land komt dat wordt geteisterd door droogte, hongersnood en burgeroorlog, valt je moeilijk kwalijk te nemen dat je je biezen pakt zolang het nog kan. Weet u wie nóg zieliger zijn ...? De mensen die niet de middelen hebben om een enkeltje bij een mensensmokkelaar te ritselen. Die zie en hoor je hier zelden of nooit.

Maar de modale Nederlander van nu heeft daar kennelijk geen boodschap aan. Die heeft het zelf moeilijk genoeg momenteel, en wil in de eerste plaats solidair zijn binnen eigen kring. Dat laatste roept automatisch de vraag op waar die kring ophoudt en wat de scheidslijn bepaalt. Is het iets geografisch, etnisch of religieus, of spelen sociaal-economische criteria de eerste viool? Mensen die ‘het beter hebben’ en hoognodig meer belasting moeten betalen of op z’n minst minder moeten zeuren, zijn per definitie mensen met meer geld op zak dan de spreker zelf. Of je nou geen rooie cent hebt te makken, of een huis van anderhalf miljoen en een inkomen van vier ton. In de praktijk blijkt de solidariteit vaak te blijven steken bij de drempel van de eigen voordeur. Dus Geert krijgt het nog knap moeilijk om het al die solisten naar de zin te maken, als elke Henk opeens Willem-Alexander wil zijn en iedere Ingrid Máxima.


Solidariteit

Solidariteit met jezelf is net zoiets raars als zelfmedelijden. Het kenmerkende van medelijden is juist empathie: het vermogen om je te verplaatsen in de ellende van een ander. Alleen al omdat jij óók die ander had kunnen zijn, zoals Floor Rusman zaterdag in haar column in de NRC betoogde. Je kunt je uiteraard beroepen op het argument dat het hemd nader is dan de rok. Of denken: als het een ander overkomt is het eigen schuld of domme pech, als het jezelf overkomt hemelschreiend onrecht. Maar dan mag je ook niet verwachten dat je buurman/vrouw zich om jou bekommert wanneer de rollen onverhoopt omgedraaid worden. Als de Amerikanen, Engelsen en Canadezen driekwart eeuw geleden ook hadden gedacht: zoek het lekker zelf maar uit in jullie pokkenland, dan hadden we deze discussie überhaupt niet hoeven voeren. En als u dit een vergezocht argument of een ver-van-mijn-bedshow vindt, beeldt u zich dan maar in dat over een jaar Trump opnieuw aan de macht komt en z’n dreigement waarmaakt om uit de NAVO te stappen.

Natuurlijk heeft solidariteit een prijs, zoals de lange rijen oorlogsgraven bewijzen, en moet je ooit ergens een streep trekken. Vooral als misbruik van je gastvrijheid wordt gemaakt, al is dat maar door een kleine minderheid. In dat opzicht kunnen we leren van landen die ons op het pad van het rechts-populisme zijn voorgegaan. Landen als Italië, Zweden en Griekenland, waar de eerste lichtingen bootvluchtelingen op Lesbos als oude vrienden werden onthaald, totdat het op het strand drukker was dan in Scheveningen op een zomerse zaterdagmiddag. Grote delen van steden als Malmö en Stockholm zijn no-goarea’s geworden. Niet alleen voor struise blondines in luchtige kledij, maar ook voor bonafide ‘buitenlanders’ die beseffen dat ze van de ene law of the jungle in de andere zijn gerold.

Op de solidariteit van nieuwkomers onderling valt eveneens wel wat af te dingen. Regelmatig blijkt dat lhbtiq’ers in het AZC nauwelijks minder worden gediscrimineerd dan in het land van herkomst. Terwijl Erdogan-vazal Van Baarle opzichtig brak met de progressieve koers van zijn voorganger door zich af te zetten tegen ‘regenboogdwang’. Typerend voor deze insteek is dat zijn partij in de verkiezingscampagne pleitte voor specifieke maatregelen tegen moslimhaat, alsof dit an sich erger zou zijn dan antisemitisme of discriminatie van vrouwen, homoseksuelen of transgenders. Net als solidariteit is tolerantie een kwestie van geven en nemen en reciprociteit. Op dit punt zitten de PVV-aanhang en die van Denk dus grotendeels op dezelfde benepen lijn.


Inlevingsvermogen

Je zou trouwens juist van de heer Wilders meer inlevingsvermogen verwachten in iemand die om diens opvattingen vervolgd of bedreigd wordt. Door zijn critici, tot wie ik ook mijzelf reken, wordt weleens uit het oog verloren dat hij op dit vlak ervaringsdeskundige is. Hij leeft al twintig jaar als een onderduiker en kan niet zonder zware beveiliging over straat. Het lot van Pim Fortuyn bewijst dat zulke maatregelen geen overbodige luxe zijn. Om maar te zwijgen van die Afghaanse asielzoeker die Geert wilde neersteken omdat-ie z’n spotprenten niet leuk vond, en toen dat niet wilde vlotten zich maar aan een paar Amerikaanse toeristen vergreep. Je vraagt je tussen haakjes af wat zo’n man hier heeft te zoeken. Vond-ie de toenmalige machthebbers in Kaboel soms niet orthodox genoeg? Dan lijkt dat me inmiddels geen belemmering meer om ‘m na afloop van z’n gevangenisstraf terug te sturen.

Het risico is groot dat iemand van dergelijke ervaringen alleen maar verder gaat radicaliseren, of diens wieg nu in Venlo of de Schilderswijk heeft gestaan. De vraag of Wilders het er zelf naar gemaakt heeft met z’n krasse uitspraken, kopvoddentaks en cartoonwedstrijden, dunkt me irrelevant. Als iedere potentiële Hitler bij voorbaat vogelvrij wordt verklaard, is in het socialemediatijdperk niemand z’n leven meer zeker. Tot nu toe heeft hij weinig tot niets van zijn drieste plannen gerealiseerd, en de hamvraag is of dit anders zal worden als het überhaupt tot het eerste kabinet Wilders komt.

Persoonlijk zou ik mij voorlopig niet te veel zorgen maken over razzia’s op ‘buitenlanders’ en meer specifiek moslims. Mocht Geert dat al willen - en hij heeft omstandig bezworen van niet -, dan vindt hij vooralsnog de Grondwet op zijn weg. Al moet ik daar eerlijkheidshalve bij aantekenen dat die Grondwet, en de toetsbaarheid daaraan, helaas uitgerekend in Nederland weinig om het lijf heeft. Maar daar ging Pieter al mee aan de slag, had ik begrepen.


Gratis bier

De PVV heeft natuurlijk meer op het programma staan dan alleen minder, minder. Goede en betaalbare zorg, voldoende betaalbare woningen, betaalbare boodschappen ... het kan bijna niet op. Wat de vraag oproept hoe dat allemaal gerealiseerd en bekostigd moet worden. Want gratis bier bestaat ook in Limburg alleen bij moeder thuis. En met een kopvoddentaks of cultuursubsidiestop of voor mijn part Nexit kom je er niet. Wat dat laatste betreft: de Britten schijnen alweer spijt te hebben, dus bezint eer gij begint.

O ja, en de dijken moeten ook flink worden opgehoogd, was ik bijna vergeten. Niet eens om die vluchtelingentsunami in te dammen. Zelfs bij de PVV zit de klimaatschrik er ondertussen wel in. Maar genezen is in de ogen van Geert goedkoper dan voorkomen. Nog daargelaten dat zo’n terpenlandschap, met wapperende driekleuren (al dan niet ondersteboven) in top, oer-Hollands oogt. Ik moet wederom toegeven: die bijna dertig miljard die de arme Rob Jetten nodig had om de mondiale thermostaat 0,000036 graad in de min te drukken, lijkt op het eerste gezicht nóg absurdistischer dan de recente verkiezingsuitslag. Maar het is een optelsom van vele kleine beetjes. Als, met Nederland als vanouds als gidsland, wereldwijd alle klimaatplannen in de shredder verdwijnen, wordt het achter die dijken nog aardig benauwd. Krijgen we vast ook weer hele vloten met klimaatvluchtelingen te verhapstukken. Dus bezint ...

Trouwens, voor die dijken en die woningen en die handen aan het bed hebben we een heleboel arbeidskrachten nodig. En die zijn momenteel schaars, dus die zullen we - in elk geval tijdelijk - deels uit het buitenland moeten halen, én huisvesten. Ik geef een voorzetje, over-mijn-eigen schaduw-springer als ik ben: hoeft geen probleem te zijn als we buitenlanders die een eerlijke boterham willen verdienen, op tijdelijk contract hiernaartoe halen. Hebben we gelijk meer controle over wie we wel kunnen gebruiken (zo willen we het, toch?) en wie niet. Wél voor eerlijke arbeidsvoorwaarden zorgen, en erop letten dat de werknemer niet door diens werkgever wordt uitgebuit. Bijvoorbeeld door een stapelbed in een loods te verhuren voor een half maandloon, of er eigen opvattingen op na te houden over arbeidsuren. WW-, pensioen- en AOW-premies zijn overbodig, dus dat is een welkom extraatje om in de reis- en verhuiskosten en het levensonderhoud van de achterblijvers te voorzien. Maar wel een fatsoenlijke regeling voor ongevallen op de werkvloer inbouwen graag.


Nadere kennismaking

Ik had mij voorgenomen een kort en krachtig stuk af te scheiden, en heb ten minste op één front gefaald. Dus ik zal me in de slotalinea tot het hoogstnoodzakelijke beperken. Als Geert een regering wil formeren en dat lukt, met behulp van alle twijfelaars, hard-to-get-spelers en spijtoptanten, zou ik hem vooral zijn gang laten gaan. Volgens het gezegde krijgt elk volk de leider die het verdient. Ik vul aan: en vice versa. Geerts secondante Fleur die namens Financiën met de pet rondgaat; oudgediende Dion als minister van Buitenlandse Zaken op diplomatieke rondreis door het Midden-Oosten, winning hearts and minds ... ik kan er haast niet op wachten. En mocht de grote baas het toch op z’n heupen krijgen en een grensmuur willen bouwen of aanstalten maken om moskeeën plat te bulldozeren, dan klapt de gelegenheidscoalitie vanzelf uit elkaar. Tenzij die ene letter verschil tussen het NSC en een bepaalde partij uit de eerste helft van de twintigste eeuw géén ongelukkig toeval is.

Het alternatief, een cordon sanitaire, is in elk geval nóg minder aanlokkelijk. In het buitenland heeft die strategie ook niet gewerkt, of averechts. Dus als de oude garde hardnekkig standhoudt, dan zouden die bijna veertig zetels er de volgende keer weleens vijftig kunnen worden. En dan is het hek van de dam. De gevestigde politiek denkt immers alleen aan zichzelf, aldus de kiezer aan de vooravond van de stembusgang. Maar zoals eerder betoogd doet diezelfde kiezer dat óók. En jammer genoeg (sorry dat ik uit de school klap) is de PVV nog minder in uw mening geïnteresseerd dan traditionele partijen. Daarom kent Wilders BV ook geen leden, maar alleen donateurs. Geen nood: als de nadere kennismaking tegenvalt, dan zet die kiezer de eerstvolgende keer z’n kruisje een paar kolommen verder. Het eerste kabinet Wilders zou daarom best ook meteen het laatste kunnen zijn.

Eén lichtpuntje wil ik u tot besluit niet onthouden. Als Nederland zichzelf via stembus en formatieproces terug naar de Kaninefaten katapulteert, dobberen alle politieke, economische, oorlogs- en klimaatvluchtelingen deze zompige moerasdelta voortaan uit eigen beweging voorbij. Hebben we al met al tóch nog een electoraal succesje te vieren.