OudeMuizenissen
Heedendaagsch Taalgebruyk
HuurMuis

 

Niet voeren...

 

Zodra de mens de natuur naar z’n eigen hand wil zetten, gaat het geheid mis. De trekduif, de dodo, de Javaanse tijger en duizenden andere uitgestorven diersoorten zijn stille getuigen. Nog veel erger wordt het wanneer de mens z’n eigen huisdieren naar elders exporteert. Het konijn in Australië is een berucht voorbeeld. Maar ook in onze eigen streken is dit aandoenlijke beestje, een erfenis van de oude Romeinen, uitheems.

Net als het damhert, dat sinds enkele decennia wordt ingezet om de Waterleidingduinen te begrazen. De initiatiefnemers hadden beter kunnen weten. Bij gebrek aan natuurlijke vijanden planten de herten zich als konijnen voort. Flora en fauna in het duingebied hebben ernstig te lijden onder hun vraatzucht, en zelfs particuliere tuinen en begraafplaatsen zijn niet veilig. Het is maar goed dat herten van nature (en door eeuwenlange bejaging) nogal schuw van aard zijn. Anders bleven de confrontaties vast niet tot de incidentele botsing tussen viervoeter en vierwieler beperkt.

 

Jurassic Park

De grootste blunder uit het recente verleden zijn de Oostvaardersplassen. Een bedenksel van wereldverbeteraars die (terecht) meenden dat de blokkendoos die Almere heet wel wat tegengas kon gebruiken, maar kennelijk niet Jurassic Park hadden gezien. Ofschoon... Jurassic Park in je achtertuin klinkt wel stoer als je een hybride SUVkut (m/v) met een anonieme nieuwbouwwoning in drooggelegd niemandsland bent. Onder de naam De Nieuwe Wildernis is ook de Nederlandse remake verfilmd.

Zeker: ooit hebben er wilde paarden en oerossen in Nederland geleefd. Maar dat was duizenden jaren voor het begin van onze jaartelling. Toen werden de populaties niet zozeer in toom gehouden door de mensen, want die waren hier nauwelijks, maar ook en vooral door roofdieren. Behalve de wolf, die maar geen ernst wil maken met z’n rentree, en de bruine beer waarden hier tot de laatste ijstijd ook vervaarlijke monsters als de holenbeer en de holenleeuw rond. Die heb ik rond de Oostvaardersplassen nog niet gesignaleerd.

Wél hele kuddes paarden, runderen en herten, toen ik twee jaar geleden in de trein naar Zwolle zat. Indertijd was het lang zo koud niet als enkele dagen terug, maar ook toen al zag je in één oogopslag dat het mis was. Talloze dieren hutjemutje opeengepakt op een vrijwel kaalgevreten vlakte, net zo onnatuurlijk en net zo dichtbevolkt als de prefabbetonwoestenij even verderop. Je voelt het aan je water dat de bewoners zonder hulp van buitenaf een strenge winter niet allemaal zullen overleven. (Ik doel op de Oostvaardersplassen; over Almere laat ik me niet uit.)

 

Fouter dan fout

Er is nóg een reden waarom de Oostvaardersplassen fouter dan fout zijn. Een heckrund is helemaal geen oeros, en een konikpaard geen authentiek wild paard. Die hebben onze vroede voorvaderen vrolijk laten uitsterven, of juister gezegd onbekommerd uitgeroeid. Wat er nu voor in de plaats is gekomen, daar is weinig prehistorisch aan. Het zijn hedendaagse imitaties op basis van oude plaatjes en skeletten. Door kruisen heeft men de uitgestorven rassen geprobeerd terug te fokken. Volgens kenners met twijfelachtig resultaat.

De fokkers waren dan ook handlangers van nazikopstukken zoals Hermann Göring, die in de eerste plaats een op Oudgermaanse leest geschoeide uitdaging voor z’n jachtpartijtjes zocht. Het beste bewijs: het heckrund is vernoemd naar twee van die tovenaarsleerlingen. De broers Heck bestierden in het dagelijks leven een dierentuin, maar beunden daarnaast bij in de zoölogie. De erfelijkheidsleer stond toentertijd nog in de kinderschoenen. En de waandenkbeelden van de nazi’s inzake eugenetica zijn genoegzaam bekend.

 

Disneyland-architectuur

Het is met de natuur niet veel anders dan met andere aspecten van het verleden. Tot voor kort verwaarloosden we onvervangbare monumenten tot ze spontaan voor onze ogen verbrokkelden. Indien zo’n oud krot taaier bleek dan verwacht, bracht de beproefde sloopkogel uitkomst. De benodigde handtekening was zo gezet. Ruim baan voor de vooruitgang en in geouwehoer kun je niet wonen. Het geboortehuis van Rembrandt is een berucht voorbeeld.

Niet zelden kregen we vroeg of laat spijt. In het gunstigste geval viel er nog wat te restaureren. Soms gebeurde dat heel goed en verantwoord, zoals bij kasteel Doornenburg. En soms maakte men er een potje van, zoals bij sprookjespaleis De Haar. Daar verrees op de ruïnes een nostalgische negentiende-eeuwse reconstructie van een middeleeuws verleden dat nooit bestaan had. Disneyland-architectuur avant la lettre; virtual reality IRL.

Toch is er één cruciaal verschil. Stenen hebben geen gevoel en kunnen geen honger lijden. Paarden en runderen, ook al stond hun wieg in het laboratorium, wel. Dat maakt het experiment Oostvaardersplassen des te schrijnender.

 

Nodeloos wreed

We kunnen de paarden en runderen moeilijk verwijten dat hun stamboom niet in de prehistorie is geworteld maar in een recenter verleden, en meer specifiek in de nazitijd. Moeten we ze nu maar aan hun lot overlaten, onder het motto: het is wreed, maar zo is de natuur? Néé, want dit ís geen natuur. En we kunnen bezwaarlijk wachten tot een verdwaalde wolf die onze snelwegen overleeft, z’n achterban in Duitsland of Polen appt dat het hier luilekkerland is. En dat ze als de gesmeerde bliksem moeten overkomen om een vorkje mee te prikken en zo de wildstand binnen de perken te houden.

Laten verhongeren is nodeloos wreed, en afknallen laten we beter over aan beulen als Göring. Om te voorkomen dat de populatie blijft groeien en het op een casestudy malthusianisme uitdraait, pleit ik voor grootschalige sterilisatie. Als dat er op den duur toe leidt dat de heckrunderen en konikpaarden het voetspoor van hun verdwenen voorzaten volgen, kan ik daar persoonlijk mee leven. Er zijn bedreigde diersoorten die hoger op m’n prioriteitenlijstje staan. Zeldzame weidevogels en vlinders, en bijen, om er maar een paar te noemen. Maar die zijn niet zo zichtbaar, dus vrijwel geen haan die ernaar kraait.

Wat de herten in de Waterleidingduinen betreft: die kunnen er weinig aan doen dat ze zo goed gedijen. Het zijn misschien exoten, maar in elk geval geen misbaksels uit het Derde Rijk. Afschieten is een zwaktebod; ik vermoed dat menige kinderboerderij het overschot goed kan gebruiken. En anders zijn er vast legio al dan niet kunstmatige natuurgebieden in Europa waar men wat minder riant in z’n grote grazers zit. Toegegeven: het zijn allemaal kunstmatige oplossingen. Maar het is ook een kunstmatig probleem dat we zelf hebben gecreëerd.

 

Historisch (on)verantwoord

De nawinter van 2018 heeft onder de levende fossielen in de Oostvaardersplassen zo’n duizend slachtoffers geëist. Die zijn een langzame hongerdood gestorven, of door een genadeschot uit hun lijden verlost. Dat laatste is zeker zo onnatuurlijk als een paar hooibalen over de omheining. Als Staatsbosbeheer op de ecotoer wilde gaan, hadden ze de hekken moeten weghalen en de natuur letterlijk de vrije loop moeten laten. En steek meteen de Afsluitdijk door, als je toch bezig bent.

Voorkomen blijft beter dan genezen. De zogenaamde natuurvrienden en de bestuurlijke leeghoofden die verantwoordelijk voor deze beestenbende zijn, zou ik willen adviseren: bezint voortaan eer gij begint. En voor wie een luchtje wil scheppen in de prehistorie, staan de poorten van Archeon open. Even historisch verantwoord of onverantwoord als de Oostvaardersplassen, en een stuk diervriendelijker op de koop toe.

 

Voor wie wil weten hoe het er in Nederland in de prehistorie echt toeging, is Onze vroegste voorouders. De geschiedenis van Nederland in de steentijd van Leendert Louwe Kooijmans (Bert Bakker 2017) een aanrader.

 

 

Niets van deze website mag zonder voorafgaande toestemming worden overgenomen of gekopieerd, behoudens het citaatrecht. Bij citaten is bronvermelding verplicht. Vragen? Stuur een mailtje naar: info@oudemuis.nu

Niets van deze website mag zonder voorafgaande toestemming worden overgenomen of gekopieerd, behoudens het citaatrecht. Bij citaten is bronvermelding verplicht. Vragen? Stuur een mailtje naar: info@oudemuis.nu