OudeMuizenissen
Heedendaagsch Taalgebruyk
HuurMuis

 

Boerka-bashing

 

Nog aan boerka-bashing gedaan afgelopen weekend? Sinds kort is namelijk in onder andere het openbaar vervoer en ziekenhuizen een ‘boerkaverbod’ van kracht. Helemaal correct is die benaming niet, want je mag ook niet de trein in met een integraalhelm of bivakmuts op. Nu zie ik zelden mensen met integraalhelmen in de trein. Maar dat geldt eveneens voor mensen in boerka.

De kans dat je zo iemand tegenkomt, is sowieso niet bijster groot. In Nederland zijn naar verluidt een paar honderd boerka’s in circulatie. En die waren vermoedelijk toch al niet zo uithuizig. Veel (semi-)overheidsinstanties lieten dan ook op voorhand weten dat ze betere dingen hebben te doen.

Het venijn zit hem in een wettelijke bepaling die, aldus het AD, de burger de gelegenheid biedt om voor hulpsheriff te spelen en zo’n boerkadraagster in flagrante delicto aan te houden. Desnoods met behulp van fysieke dwang. De hamvraag is of die burger daarvoor letterlijk of figuurlijk bezopen genoeg is.

 

Hoger doel

De drempel om anderen leed te berokkenen is lager wanneer dit gebeurt uit naam van een vermeend hoger doel, heeft een in vergetelheid geraakte Engelse schrijfster eens opgemerkt. Juist radicale moslims die in een recent verleden op doevakantie naar Syrië zijn afgereisd, kunnen dat dunkt me bezwaarlijk ontkennen. Bovendien zijn Nederlanders een gezagsgetrouw volk. Ná de oorlog zat iedereen in het verzet, zoals Bomans zich snedig liet ontvallen. Menigeen die tijdens de Duitse bezetting braaf z’n Joodse buren aangegeven had, zag er na de bevrijding geen been in om zonder blikken of blozen moffenhoeren kaal te scheren. Alleen al daarom vrees ik het ergste.

Ik zit een beetje in een lastig parket, want als iemand zo’n boerka of nikab geen ponem vindt, ben ik het. Naar mijn onbescheiden mening is, om het maar ronduit te zeggen, zo’n mobiele eenpersoons-vrouwengevangenis een vervuiling van het straatbeeld, een bedreiging voor de verkeersveiligheid en de beschaafde omgangsvormen, en bovenal een belediging voor de vrouw.

Ik was dan ook onaangenaam verrast dat in een stuk op de opiniepagina van de NRC uitgerekend het ‘zelfbeschikkingsrecht van vrouwen’ werd aangevoerd als argument tegen het boerkaverbod. Of boerkadraagsters uit eigen beweging voor deze dracht kiezen, zal van geval tot geval verschillen. Bij vrouwen, ook ‘autochtone’, die zich eigener beweging tot de fundamentalistische islam hebben bekeerd, valt dit zeker niet uit te sluiten. Maar bijvoorbeeld in grote delen van Pakistan en Afghanistan is een boerka de rigueur. En zelfs in een iets moderner islamitisch land als Iran slentert een zedenpolitie rond die controleert of vrouwen zich wel aan de officiële kledingvoorschriften houden. Het op zich valide argument dat de staat zich niet met dergelijke aangelegenheden heeft te bemoeien, klinkt in dat licht bezien dus niet erg overtuigend.

 

Geen kledingstuk

Van groter gewicht is dat de schrijfsters uit het oog verliezen dat een boerka geen kledingstuk is maar een religieus symbool, net als een hoofddoek, een keppel of een kruisje. Nu is daar óók het nodige over te doen, en sommige boreale geesten zien ongetwijfeld halsreikend een algeheel hoofddoekverbod aan de horizon opdoemen. Maar je kunt niet de hoofddoek verbieden en de keppeltjes, tulbanden en kruisen niet. Dat heet namelijk discriminatie.

Het voornaamste probleem van een boerka is dit symbool zó allesoverheersend en allesverhullend is dat de draagster geheel uit het zicht verdwijnt. Een vrouw heeft geen boerka aan; een vrouw zit hermetisch afgesloten verpakt in die boerka. Als het de bedoeling is om zodoende vrouwen tegen de begerige blikken (of erger) van mannen te beschermen, dan wil dat kennelijk niet erg lukken. Want juist in landen als Pakistan en Saudi-Arabië is verkrachting volgens mensenrechtenorganisaties schering en inslag. Dat leidt dan wél vaak tot de doodstraf … voor het slachtoffer. In het gunstigste geval wordt ze aan de dader uitgehuwelijkt, als die nog een plaatsje in z’n harem vacant heeft. Dan vraag je je toch onwillekeurig af of het niet beter is om het probleem bij de oorzaak aan te pakken: een achterlijke fallocratische cultuur waarin een vrouw een onmondig gebruiksvoorwerp is.

Dat de schrijfsters van eerdergenoemd artikel het boerkaverbod op ‘seksistische en islamofobe fantasieën’ van ‘witte mannen die zich door de #MeToo-beweging toch al in een hoekje gedreven voelen’ schuiven, is dan ook een jij-bak van jewelste. Natuurlijk is niet elke vrouwenhater, sisser, spuger of aanrander een moslim, laat staan elke moslim een aanrander. Maar wie glashard ontkent dat de orthodoxe islam bepaald niet de meest vrouwvriendelijke wereldbeschouwing is, heeft ze niet allemaal op een rijtje.

 

Depersonalisering

Typerend aan de boerka is dat deze de draagster niet alleen deseksualiseert, maar ook depersonaliseert. Mede daarom werkt de boerka niet alleen als de spreekwoordelijke rode lap op ‘witte mannen’. Een van de weinige keren dat ik een nikab in het openbaar heb gezien, was voor het station in mijn woonplaats. ‘Meneer Boerka’, zoals ik haar rechtmatige eigenaar of toezichthouder even noem, droeg eveneens een jurk, maar van een wat luchtiger snit. Ik was niet de enige die het tafereel met lede ogen gadesloeg. Twee moslima’s van een jaar of twintig, met orthodoxe ‘dubbele doek’, konden hun ongenoegen maar moeilijk onderdrukken. Ik stond niet dichtbij genoeg om te kunnen horen wat ze zeiden, maar hun gelaatsuitdrukkingen spraken boekdelen. Het zal iets zijn geweest in de trant van ‘Wat de f… ?’, of nog een graadje sterker.

Verwonderlijk is dat op de keper beschouwd niet. Want júíst voor jonge moslima’s die - met of zonder hoofddoek - hun eigen plaats in de samenleving proberen te vinden, vormt zo’n boerka een bedreiging. Het risico bestaat altijd dat een vader, man of broer, zus of vriendin, vraagt of dat ook niet iets voor jou is … Van vrije kledingkeus blijft weinig over wanneer die stilaan in een ongeschreven verplichting ontaardt. En - ik herhaal het nog maar eens - in landen waarin de islam staatsgodsdienst is, zijn zulke voorschriften eerder regel dan uitzondering. Misschien dat meer vrouwen dan zure gezichten trekken. Maar als ze allemaal een boerka dragen, kun je dat natuurlijk niet zien …

 

Symboolwetgeving

Waarom ik dan toch per saldo tegen een boerkaverbod ben? In de eerste plaats omdat het niet aan de overheid is om te bepalen hoe iedereen erbij moet lopen. Dat geldt voor een seculiere overheid, en dat zou óók moeten gelden voor een niet-seculiere. Ik vind een boerka een aanfluiting, maar zolang er geen harde bewijzen zijn dat de draagster deze onder dwang aangetrokken heeft, is het haar zaak. Dat ik zo’n mevrouw niet wil inhuren als receptioniste, lerares of caissière, de mijne.

In de tweede plaats zet zo’n boerkaverbod een toch al explosieve situatie (geen bijbedoeling) op scherp. Zeker wanneer de naleving wordt afgedwongen door zelfbenoemde burgerwachten. De kans bestaat dat die tactiek alleen maar averechts werkt, en niet tot een vermindering maar juist tot een toename van dit fenomeen leidt. Momenteel is de omvang te overzien. Daarom is een boerkaverbod in feite symboolwetgeving. En dat is misschien nog wel het voornaamste bezwaar.

Het lijkt mij dus wenselijk dat de overheid haar energie concentreert op urgentere vraagstukken, zoals de klimaatverandering en de eikenprocessierups. Die laatste veroorzaakt minstens zoveel irritatie als de boerkadraagster, en vermenigvuldigt zich vooralsnog veel sneller. En laten we vooral terughoudend zijn met oproepen tot eigenrichting. De boze burger heeft maar een klein zetje nodig om de handjes te laten wapperen, zoals uit het in ons ‘tolerante’ landje schijnbaar onuitroeibare fenomeen ‘gaybashing’ blijkt. Maar ook deze misstand komt natuurlijk uitsluitend voor rekening van geseculariseerde witte mannen …

Dat misschien iets minder tolerantie gewenst is tegenover excessen van intolerante religies in het algemeen, wil ik graag beamen. Maar als één specifieke uitwas vogelvrij wordt verklaard om Henk en Ingrid te paaien, is het middel wellicht erger dan de kwaal. Dus houd alstublieft uw handen thuis. De al dan niet op eigen initiatief onderdrukte vrouw helpt u er niet mee, en er is al genoeg geweld in de wereld, door én tegen moslims. Met tropische temperaturen zoals de afgelopen weken verdampt met een beetje geluk de boerka vanzelf uit het straatbeeld. En de drogredenaars van S.P.E.A.K. zouden eerst de hand in eigen boerka mogen steken. Misschien kunnen de dames hun pleidooi voor zelfbeschikking en keuzevrijheid op kledinggebied eens in Kabul e.o. uitventen. Als het niet goed valt, zal het in elk geval niet de schuld van die islamofobe witte mannen zijn …

 

Niets van deze website mag zonder voorafgaande toestemming worden overgenomen of gekopieerd, behoudens het citaatrecht. Bij citaten is bronvermelding verplicht. Vragen? Stuur een mailtje naar: info@oudemuis.nu
Niets van deze website mag zonder voorafgaande toestemming worden overgenomen of gekopieerd, behoudens het citaatrecht. Bij citaten is bronvermelding verplicht. Vragen? Stuur een mailtje naar: info@oudemuis.nu